Smaakmissie Olie en vet

Les 1. Wat weet ik al over olie en vet?

De missie en teams vormen (1/2) Video afspelen

De missie

De missie en teams vormen (2/2)

Onderzoeksteams

Verdeel de klas in teams.

Olie en vetquiz
Olie en vetquiz

Olie en vetquiz!

Olie en vetquiz1/7

Waar of niet waar? Vet heb je nodig om gezond te blijven.

  • AWaar
  • BNiet waar
Olie en vetquiz2/7

Hoeveel halvarine of margarine moet je op je boterham smeren?

  • AEen goede laag, zodat je je boterham niet meer kunt zien.
  • BEen dun laagje, zodat je nog net je boterham kunt zien.
  • CJe kunt beter geen halvarine of margarine op je brood smeren.
Olie en vetquiz3/7

Hoeveel gram olie en vet heb je elke dag nodig om gezond te blijven in groep 7 of 8?

  • AHalvarine of margarine voor 1-2 sneetjes brood en 2 eetlepels vloeibaar bereidingsvet of olie om in te bakken.
  • BHalvarine of margarine voor 4-6 sneetjes brood en 2 eetlepels vloeibaar bereidingsvet of olie om in te bakken.
  • CHalvarine of margarine voor 4-6 sneetjes brood en 1 eetlepel vloeibaar bereidingsvet of olie om in te bakken.
Olie en vetquiz4/7

Wat is het grootste verschil tussen roomboter en margarine?

  • ARoomboter is vooral plantaardig en margarine is vooral dierlijk.
  • BRoomboter is vooral dierlijk en margarine is vooral plantaardig.
  • CEr is geen verschil, het is hetzelfde.
Olie en vetquiz5/7

In margarine zitten emulgatoren. Wat doen emulgatoren?

  • AEmulgatoren zorgen dat margarine zacht is.
  • BEmulgatoren zorgen ervoor dat producten langer houdbaar zijn.
  • CEmulgatoren zorgen ervoor dat water en vet met elkaar kunnen mengen.
Olie en vetquiz6/7

Kevin eet niks wat van een dier afkomstig is. Welk soort olie of vet kan hij kiezen?

  • ASlaolie
  • BRoomboter
  • CVisolie
Olie en vetquiz7/7

Wat is het verschil tussen olie en vet?

  • AEr is geen verschil, het is precies hetzelfde.
  • BOlie is vloeibaar bij kamertemperatuur en vet is hard.
  • CVet is plantaardig en olie is dierlijk.
Huiswerkopdracht (1/2)

Huiswerkopdracht

Wat gebruiken jullie thuis?

Huiswerkopdracht (2/2)
Einde (1/1)

Tot de volgende keer!